Relatief minder mensen in Nederland werken buiten de gebruikelijke kantoortijden. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het gaat om werk in de avond, nacht of het weekend. De ontwikkeling past in een langere trend waarin werktijden voor een deel van de beroepsbevolking voorspelbaarder zijn geworden.
Tegelijkertijd laat het CBS zien dat werken buiten kantoortijden nog altijd voor veel mensen onderdeel is van het dagelijks werk. De verschillen tussen sectoren zijn daarbij groot. In zorg, horeca, vervoer en veiligheid blijven onregelmatige werktijden veel voorkomen, terwijl in kantoorfuncties en administratieve beroepen vooral binnen reguliere werktijden wordt gewerkt.
Verschillen naar beroep en sector
Volgens het CBS hangt werken buiten kantoortijden sterk samen met het type beroep en de aard van het werk. Functies waarin directe dienstverlening, continuïteit of fysieke aanwezigheid noodzakelijk is, kennen vaker avond-, nacht- of weekenddiensten. In andere sectoren is het werk beter planbaar en vaker gebonden aan vaste werktijden.
Ook binnen sectoren bestaan verschillen. Zo kunnen functies met vergelijkbare taken toch uiteenlopende werktijden hebben, afhankelijk van organisatie, roosters en afspraken over bereikbaarheid en inzetbaarheid.
Balans tussen werk en privé
Werken buiten kantoortijden kan voordelen hebben, zoals flexibiliteit of toeslagen, maar kan ook impact hebben op gezondheid, herstel en de balans tussen werk en privé. Het CBS-onderzoek onderstreept dat werktijden een belangrijk onderdeel vormen van de arbeidsomstandigheden, naast werkdruk en autonomie.
De cijfers laten zien dat veranderingen in werktijden niet uniform verlopen, maar samenhangen met bredere ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en in de organisatie van werk.
Lees het volledige artikel op de website van het CBS.