Cahier 13a – Validering loonwaardevaststelling
Voorwoord

Dit rapport beschrijft het AKC-project Validering loonwaardevaststelling. Dit project bestaat uit vier onderdelen:

  1. Inhoudsvalidatie bestaande uit: begripsconsensus, de basisstappen van loonwaardebepaling, de eisen aan de uitvoerder, de training en de nascholing (mei - juli 2013).

  2. Opzet onderzoek validering loonwaardemethodieken (juli - oktober 2013).

  3. Uitvoering loonwaardevalideringsonderzoek (oktober 2013 - mei 2014).

  4. Monitoring inter-beoordelaarsbetrouwbaarheid (2014 - 2015).

In dit rapport wordt verslag gedaan van de eerste twee stappen: het standaardiseren van de loonwaardebepaling, werkwijze en begrippen én het ontwerp van het valideringsdesign. Deze twee stappen zijn al in 2013 afgerond. Dit rapport is pas in mei 2014 gepubliceerd, na afronding van de efficacy pilot.

Een werkgever op een transparante manier compenseren voor extra kosten en/of een verminderde arbeidsprestatie van personen met structurele functionele beperkingen, stimuleert duurzame plaatsing.

Steeds vaker blijkt dat de mogelijkheid om een passende loonwaarde te betalen, aangepast aan de werkelijke arbeidsprestatie, een effectief re-integratie-instrument is. Die compensatie kan geschieden via loondispensatie of loonkostensubsidie, aangevuld met een vergoeding van de extra kosten.

Uit een recente UWV-publicatie blijkt bijvoorbeeld dat het aantal werkende Wajongers de afgelopen jaren is toegenomen, door bij een steeds groter deel van deze werkende Wajongers loondispensatie toe te kennen. Uit de dagelijkse praktijk blijkt dat wat voor deze groep werkt, ook werkt bij andere groepen.

Inmiddels hebben de afgelopen vijf jaar ongeveer vier van de tien Wajongers die bij een reguliere werkgever aan de slag zijn loondispensatie gekregen. Werken met behulp van loondispensatie blijkt duurzaam:

zes van de tien Wajongers die met loondispensatie aan de slag zijn gegaan, werken drie jaar later nog steeds of weer.

Het AKC is alle (ruim zestig) betrokken loonwaarde-experts zeer erkentelijk. Zonder de vele uren en dagen die zij samen besteed hebben aan het proces op weg naar meer consensus in de loonwaardebepaling, was dit resultaat er niet geweest. In het belang van werkgevers, werknemers en overheden die een advies wensen over de loonwaarde van een werknemer, hebben zij dit rapport opgeleverd.1

Dit rapport combineert de rijke expertervaring van arbeidsdeskundigen met loonwaardevaststelling met de kennis en ervaring van uitvoerders van gelijksoortige loonwaardemethoden en een onafhankelijke en kritische wetenschappelijke blik. De drie loonwaardemethodieken die betrokken zijn bij dit project – Dariuz, VTA/DWI en de UWV-methodiek – hebben met elkaar gemeen dat ze werken vanuit een gedegen onderzoek op de werkplek. Ook zetten ze de gerealiseerde arbeidsprestatie door de werknemer af tegen de vereiste arbeidsprestatie die gangbaar is in de (norm)functie. Dat biedt een stevige basis voor een validering van de begripsinhoud met een breed expertdraagvlak. Het beoogde doel is richting te geven aan een heldere set van afspraken over de inhoud en kwaliteit van loonwaardebepaling.

De strekking van dit rapport is op 11 juli 2013 voorgelegd aan een groep direct betrokken externen vanuit centrale- en lokale overheid, werkgevers- en werknemersorganisaties, onderzoekbureaus en deskundigen.2 De ondersteuning van de gekozen richting en de stimulerende vragen en opmerkingen uit die sessie hebben de expertgroep aangemoedigd om het rapport tijdig af te ronden en openbaar te maken. Eind 2013 en begin 2014 zijn ook presentaties gegeven bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, bij de landelijke Werkkamer, de landelijke cliëntenraad en bij groepen loonwaarde-experts. In al deze bijeenkomsten konden de deelnemers zich vinden in de methodiek die dit rapport voorstelt.

De resultaten van het loonwaardevalideringsonderzoek, die separaat gepubliceerd zijn in de Beknopte projectrapportage AKC-loonwaardevalideringsonderzoek (2013-2014) zijn positief. Aangetoond is dat de gezamenlijk overeengekomen basissystematiek voor loonwaardebepaling in combinatie met een gedegen training van de uitvoerders, leidt tot een significante verbetering van de inter-beoordelaarsbetrouwbaarheid3 en validiteit4 van de loonwaarde vaststellingen.

Het is daarom aan te bevelen over te gaan tot een officiële landelijke introductie van de overeengekomen basissystematiek voor loonwaarde vaststelling. Het nu publiceren van dit rapport is een eerste logische vervolgstap voor borging van de kwaliteit van loonwaarde-vaststelling.

Het AKC en de expertgroep zijn graag bereid om op basis van dit rapport sessies te organiseren om het draagvlak voor de gekozen uniformering verder te vergroten en te adviseren over de vervolgstappen voor implementatie.

Mr. M. Klompé, voorzitter bestuur AKC

Mei 2014

1 

Zie Bijlage 1: Samenstelling loonwaarde-expertgroep AKC (Opstellers inhoudsrapport, opstellers casuïstiek, deelnemers Efficacy pilot)

2 

Zie bijlage twee voor de deelnemerslijst van de loonwaarde expertmeeting op 11 juli 2013.

3 

Inter-beoordelaarsbetrouwbaarheid (IBB): de mate waarin de scores van alle beoordelaars op eenzelfde meetvariabele overeenkomen. Daarbij geeft 1 volledig gelijke scores van alle beoordelaars aan en 0 volledig ongelijke scores. In onderzoek naar inter-beoordelaarsbetrouwbaarheid wordt een IBB van 0,7 of hoger bij professionals al als een goede score gezien, omdat professionals een bepaalde beleidsruimte hebben voor de wijze waarop zij hun werk uitvoeren. Immers, niet ieder aspect van een door een professional te beoordelen situatie, kan worden gestandaardiseerd.

4 

Validiteit: de mate waarin de methode meet wat hij zou moeten meten. Bij het onderzoeken van de validiteit wordt gekeken naar de mate waarin de resultaten van een methode (meetlat) en het te meten verschijnsel met elkaar overeenkomen. Validiteit is een gradatie; het is niet zo dat de ene methode valide is en de andere niet. Wel is de ene methode meer valide dan een andere. In dit onderzoek wordt de validiteit gemeten met behulp van een ‘gouden standaard’. De resultaatscores zijn daarom in de mate van procentuele overeenstemming of in mate van procentuele afstand ten opzichte van die gouden standaard uitgedrukt.